Werken


Jongeren in procedure
Asielzoekers van zestien jaar en ouder die in procedure zijn, mogen met ingang van 26 juli 2002 twaalf weken per jaar werken. Ze moeten wel rechtmatig verblijf hebben op grond van art. 8 onder f of h Vw2000. Van rechtmatig verblijf is sprake zolang een asielzoeker in afwachting van de beslissing op zijn asielaanvraag is, of als in zijn geval uitzetting achterwege dient te blijven totdat op de asielaanvraag is beslist.

Hierbij is elke soort arbeid toegestaan. Het moet wel gaan om legale arbeid, met een normaal arbeidscontract en marktconforme beloning. Hoeveel uren een jongere per week werkt, maakt niet uit. Het gaat erom dat hij slechts twaalf weken per jaar mag werken. Dus als hij een uur per week werkt, telt dat als een week.

De procedure om te mogen werken, is als volgt. Jongeren mogen alleen werken als de Centrale Organisatie Werk en Inkomen (CWI) een tewerkstellingsvergunning (twv) heeft verstrekt heeft aan de werkgever. De werkgever moet de CWI dus vragen om afgifte van een twv. Daarbij moet de werkgever een ‘verklaring van de Minister van Justitie’ aan de CWI overleggen. Deze verklaring van de Minister van Justitie houdt in dat aan een vreemdeling opvang wordt geboden, dat zijn asielaanvraag tenminste zes maanden in behandeling is en dat hij rechtmatig verblijf heeft. Verder staat in de verklaring dat er slechts twaalf weken per jaar mag worden gewerkt, dat de werkzaamheden naar hun aard kortdurend zijn en bedoelde werkzaamheden onder marktconforme voorwaarden zullen worden verricht.

Jongeren met een verblijfsvergunning
Jongeren van zestien jaar en ouder die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning asiel of regulier (verblijf als alleenstaande minderjarige vreemdeling), mogen werken. Soms is een tewerkstellingsvergunning (twv) vereist. Een verklaring van de Minister van Justitie is niet nodig; deze is alleen nodig voor jongeren in procedure. Voor wat betreft het soort werk wordt er aangesloten bij de regels van de arbeidsinspectie zoals deze voor Nederlandse jongeren gelden.

Vrijwilligerswerk
Op grond van art. 1a van het Besluit ter uitvoering van de Wet Arbeid Vreemdelingen is het asielzoekers (met een W-document), houders van een vtv-asiel of vtv-regulier bepaalde tijd en vreemdelingen die in afwachting zijn van een verzoek om voortgezet verblijf en niet met uitzetting worden bedreigd, toegestaan om vrijwilligerswerk te verrichten.

Het moet gaan om:
· arbeid die gebruikelijk onbetaald is;
· arbeid zonder winstoogmerk;
· werk dat een algemeen maatschappelijk belang dient (bijvoorbeeld werk in de zorg).

Ook voor vrijwilligerswerk moet de werkgever een verklaring aanvragen bij de CWI. De vrijwilligersverklaring zal alleen worden verstrekt als de aard van de werkzaamheden maatschappelijk is. De Algemene Directie Arbeidsvoorzieningen heeft een lijst opgesteld waarop vermeld staat welke werkzaamheden als vrijwilligerswerk kunnen worden aangemerkt.